In de afgelopen maanden heeft ABP de informatie over de vernieuwde pensioenregeling per 1 januari 2027 geïntensiveerd. Die extra aandacht levert ook bij het Kennispunt Financiële Rechtspositie (KFR) vragen op van werknemers. Aan de hand van deze praktijkvragen geven we meer informatie over de compensatie van ABP. Daarbij willen we in dit artikel niet volledig zijn, maar de meest gestelde vragen over de compensatie kort beantwoorden.

Waarom wordt er compensatie gegeven?

Door de overgang naar de vernieuwde pensioenregeling wordt het totale vermogen van ABP verdeeld over alle deelnemers. Daarover zijn afspraken gemaakt met de sociale partners in het zogeheten ‘transitieplan’. 
Een deel van het vermogen gaat naar de compensatie voor deelnemers die nog pensioen opbouwen en in de toekomst nadeel hebben van de overgang naar het vernieuwde pensioen. Dit betreft alle deelnemers tussen 40 en 68 jaar. De compensatie is een vergoeding voor verminderde toekomstige pensioenopbouw. Het gaat dus niet om het verleden maar om de toekomst. 
Lees meer over dit onderwerp aan het einde van dit artikel.
 

Wie krijgt compensatie van ABP?

Alle deelnemers die op 31-12-2026 pensioen opbouwen bij ABP en tussen 40 en 68 jaar oud zijn ontvangen compensatie. Ook deelnemers met een WW-uitkering of arbeidsongeschiktheidsuitkering met premievrije pensioenopbouw. En als laatste groep diegenen die hun pensioenopbouw vrijwillig hebben voortgezet. 
Op de website van ABP staat een hulpmiddel om te checken of je compensatie krijgt. 

Sociale partners hebben in het transitieplan afgesproken dat actieve deelnemers van 40 jaar en ouder compensatie krijgen. Het bestuur van ABP heeft besloten daarnaast een aanvulling van het pensioen te geven aan deelnemers van 35 tot 44 jaar die nog pensioen opbouwen. Hiervoor is nog ruimte, zolang de dekkingsgraad boven de 105% is op 1 januari 2027.  

Wat als ik in 2026 minder ga werken of geen pensioen meer opbouw?

Uit de informatie kunnen we een aantal conclusies trekken:

  • Hoe ouder je bent hoe lager de compensatie zal zijn;
  • Een deelnemer die op 31-12-2026 geen pensioen meer opbouwt ontvangt geen compensatie; 
  • Gaat een werknemer minder werken dan ontvangt hij ook minder compensatie;
  • Een werknemer met een ontslaguitkering of arbeidsongeschiktheidspensioen ontvangt compensatie naar rato van het percentage waarover pensioen wordt opgebouwd.

Hoe wordt de hoogte van de compensatie vastgesteld?

Allereerst is goed om te vermelden dat door de compensatie een deelnemer aan de ABP- regeling méér pensioen gaat ontvangen. 
De hoogte van de compensatie is afhankelijk van de financiële situatie (dekkingsgraad) van ABP op 1-1-2027. De actuele dekkingsraad bedraagt in november 2025 122,2%. Dat wil zeggen dat er 22,2% van het vermogen over is om extra te verdelen. Een deel daarvan wordt gebruikt voor de compensatie. De compensatie wordt eenmalig toegevoegd aan de individuele pensioenpot van elke deelnemer. 
Lees meer over dit onderwerp aan het einde van dit artikel.
 

Hoeveel compensatie gaan deelnemers ontvangen?

De leeftijd van een deelnemer op 1 januari 2027 bepaalt in grote mate hoeveel compensatie hij krijgt. Dit is uitgedrukt als percentage van de pensioengrondslag. Daarbij wordt ook rekening gehouden met hoeveel pensioen de deelnemer nog kan opbouwen. 
De hoogte van de compensatie loopt op tot de leeftijd van 51 jaar en daalt daarna.

De compensatie is vervolgens afhankelijk van:

  1. De financiële situatie van ABP op 1-1-2027;
  2. De leeftijd van de deelnemer op 1-1-2027;
  3. De pensioengrondslag van 2026;
  4. Het gemiddelde deeltijdpercentage van 2026.

In de tweede helft van 2026 krijgt elke deelnemer een voorlopig eerste overzicht van het te verwachten pensioen inclusief de mogelijke compensatie. In de loop van 2027 zullen de definitieve bedragen bekend zijn.

Maar KFR zou KFR niet zijn als we niet alvast wat voorbeelden hebben berekend. 
Maar let op: het bedrag dat wordt genoemd als extra pensioen is de uitkomst op AOW-datum. Gaat de deelnemer eerder met pensioen dan is het bedrag lager.

Rekenvoorbeelden hoogte compensatie
Een deelnemer van 60 jaar werkt 36 uur en heeft een inkomen van het maximum van schaal 6.De eenmalige compensatie bedraagt naar verwachting € 10.333. Daardoor ontvangt hij vanaf AOW-datum ongeveer € 47 bruto per maand meer pensioen op AOW-datum.
Een deelnemer van 52 jaar werkt 32 uur en heeft een inkomen van het maximum van schaal 9.De eenmalige compensatie bedraagt naar verwachting € 19.568. Daardoor ontvangt hij vanaf AOW-datum ongeveer € 91 bruto per maand meer pensioen op AOW-datum.
Een deelnemer van 63 jaar werkt 24 uur en heeft een inkomen van het maximum van schaal 10.

De eenmalige compensatie bedraagt naar verwachting € 9.097. Daardoor ontvangt hij vanaf AOW-datum ongeveer € 42 bruto per maand meer pensioen op AOW-datum.

Een deelnemer van 65 jaar werkt 36 uur en heeft een inkomen van het maximum van schaal 12.

De eenmalige compensatie bedraagt naar verwachting € 12.443. Daardoor ontvangt hij vanaf AOW-datum ongeveer € 57 bruto per maand meer pensioen op AOW-datum.

Een deelnemer van 66 jaar werkt 36 uur en heeft een inkomen van het maximum van schaal 14.De eenmalige compensatie bedraagt naar verwachting € 11.297 Daardoor ontvangt hij vanaf AOW-datum ongeveer € 52 bruto per maand meer pensioen op AOW-datum.

Achtergrond informatie