Een langdurig zieke oud-werknemer van de Belastingdienst verzoekt in hoger beroep bij het Gerechtshof om een billijke vergoeding. Hij vindt dat de werkgever ernstig verwijtbaar heeft gehandeld. Hij vindt ook dat hij een beroepsziekte heeft, en wil daarom een aanvulling tot 100% van zijn loon. Oorzaak van dit alles? Een privéconflict met de fiscus. Hoe oordeelt het Hof?

Het verhaal begint met een privé-conflict met de fiscus, die dan natuurlijk ook de werkgever is. We vermoeien jullie niet met de fiscale details, maar het gaat om een afgekocht pensioen dat ten onrechte in de aanslag zou worden vermeld. Het conflict loopt op, maar tot december 2020 (in ieder geval) weet werknemer dat goed te scheiden van zijn werk. In november 2021 volgt een ziekmelding, de oorzaak is wel én niet werkgerelateerd. 

escalatie

Helaas escaleert het conflict met de fiscus, en dat heeft ook zijn weerslag op de belastbaarheid van de werknemer volgens de bedrijfsarts. Uit een rapport: “Hij wil alle energie gebruiken om zijn gelijk als belastingplichtige te halen. Afgezien van de ervaren vermoeidheid zijn er geen objectiveerbare beperkingen die in de weg staan aan werken in zijn algemeenheid. Werk binnen de Belastingdienst zal waarschijnlijk te veel weerstand en stress oproepen. De prognose is dat [werknemer] voldoende inzetbaar is voor werk wanneer de gehele situatie rondom de afhandeling van de klachten tot een einde is gekomen, mits rekening wordt gehouden met al bestaande verminderde belastbaarheid door fysieke klachten. Of dat bij de Belastingdienst kan, is niet te voorspellen; daarvoor lijkt het wantrouwen nu te groot.”


In zijn geschil met de Belastingdienst gaan werknemer en zijn partner tot het uiterste: hij dient klachten in en de juridische procedure eindigt met cassatie bij de hoogste rechter. 

Uiteindelijk, na meer dan twee jaar ziekte verzoekt werkgever om toestemming voor ontslag wegens langdurige arbeidsongeschiktheid bij het UWV, en krijgt dat ook. De werknemer krijgt vanwege zijn lange dienstverband – 44 jaar – een transitievergoeding van €94.000, maar laat het er niet bij zitten. Hij stelt een procedure in bij de kantonrechter, wordt daar in het ongelijk gesteld en vraagt vervolgens bij het hof om een billijke vergoeding (€100.000), een immateriële schadevergoeding (€25.000), aanvulling van het loon tot 100% tot datum AOW omdat hij vindt dat hij een beroepsziekte heeft en rehabilitatie.

wel of geen beroepsziekte

Belangrijk en leerzaam uit deze uitspraak is dat het begrip beroepsziekte in de CAO Rijk een andere betekenis heeft dan zoals dat in de Arbowet is gedefinieerd. De kantonrechter sluit aan bij hoe de Centrale Raad van Beroep in het verleden de beroepsziekte duidde.  De kantonrechter legt dit volgens het Hof juist uit, de uitleg hieronder: 

“Op grond van bedoelde vaste rechtspraak moet sprake zijn van factoren die objectief bezien een buitensporig karakter dragen in verhouding tot het werk of de werkomstandigheden (het buitensporigheidsvereiste). Met een meer dan gemiddelde, individuele gevoeligheid van de betrokken ambtenaar voor bepaalde werkomstandigheden wordt geen rekening gehouden. Of is voldaan aan het buitensporigheidsvereiste vergt een juridische kwalificatie van de feiten waarbij de werknemer voldoende feiten moet aandragen ter onderbouwing van zijn stelling dat van dergelijke omstandigheden sprake is. Pas nadat is vastgesteld dat aan het buitensporigheidsvereiste is voldaan, komt de vraag aan de orde of tussen die werkomstandigheden en de ontstane psychische arbeidsongeschiktheid een oorzakelijk verband aanwezig is. Alleen die laatste vraag is primair gelegen op het terrein van de medicus, aldus de kantonrechter. Aan het buitensporigheidsvereiste is volgens de kantonrechter niet voldaan.”

Wat vindt het Hof

Het Hof vindt ook niet dat de werkgever anderszins ernstig verwijtbaar heeft gehandeld. De slotsom: de werkgever heeft niet ernstig verwijtbaar gehandeld, de werknemer heeft geen beroepsziekte en krijgt daarmee geen billijke vergoeding, geen schadevergoeding en ook geen aanvulling tot 100% van zijn loon. De werknemer wordt ook niet gerehabiliteerd en krijgt ook nog eens een veroordeling in de proceskosten. 


Een ontzettend lang dienstverband dat eindigt met meerdere juridische procedures tegen de fiscus, ook in de rol van werkgever. Een zaak waarbij het gelijk krijgen belangrijker lijkt geworden dan wat dan ook, maar wat uiteindelijk alleen leidt tot verlies: van baan, van inkomen en van deze procedure.   

Lees hier de volledige uitspraak.