Ondanks veel kritiek zet het demissionaire kabinet het plan door om de compensatie van de transitievergoeding bij ontslag wegens langdurige ziekte, te beperken tot kleine werkgevers. Het wetsvoorstel is naar de Tweede Kamer gestuurd.

De huidige regeling: compensatie voor alle werkgevers
Wanneer een werkgever een arbeidsovereenkomst beëindigt, is in beginsel een transitievergoeding verschuldigd. Dat geldt ook bij ontslag na langdurige arbeidsongeschiktheid (na 104 weken ziekte).
Werkgevers die de arbeidsovereenkomst met een langdurig arbeidsongeschikte werknemer na 104 weken beëindigen, kunnen compensatie krijgen van het UWV voor de betaalde transitievergoeding. Hierdoor is de financiële last voor werkgevers beperkt.
De huidige regeling: compensatie voor alle werkgevers
Wanneer een werkgever een arbeidsovereenkomst beëindigt, is in beginsel een transitievergoeding verschuldigd. Dat geldt ook bij ontslag na langdurige arbeidsongeschiktheid (na 104 weken ziekte).
Werkgevers die de arbeidsovereenkomst met een langdurig arbeidsongeschikte werknemer na 104 weken beëindigen, kunnen compensatie krijgen van het UWV voor de betaalde transitievergoeding. Hierdoor is de financiële last voor werkgevers beperkt.
Wat verandert er volgens het wetsvoorstel?
Het wetsvoorstel zorgt ervoor dat alleen kleine werkgevers, onder voorwaarden, compensatie krijgen voor de betaalde transitievergoeding bij ontslag wegens langdurige arbeidsongeschiktheid. Een kleine werkgever is een werkgever met een loonsom van maximaal 25 keer het gemiddelde premieplichtige loon per werknemer per kalenderjaar. Of een werkgever groot, middelgroot of klein is wordt ieder kalenderjaar opnieuw vastgesteld.
Volgens het kabinet mag van middelgrote en grote werkgevers worden verwacht dat zij financieel voldoende draagkracht hebben om de transitievergoeding zelf te betalen, zonder compensatie vanuit het UWV.
Advies Raad van State (RvS)
Eerder was de RvS bijzonder kritisch op het concept-wetsvoorstel. Volgens het advies ontbreekt er momenteel in het voorstel een belangenafweging tussen de kwetsbare situatie van de langdurige arbeidsongeschikte werknemer en de meerjarige verplichtingen van de werkgever bij ziekte. Ook verwijst de RvS naar de dubbele bedoeling van de transitievergoeding: compensatie voor het ontslag én ondersteuning bij de overgang naar ander werk. Ze stellen hierbij de vraag in hoeverre deze doelen zich verhouden tot de situatie van langdurige arbeidsongeschiktheid. De RvS adviseerde zelfs om meer fundamenteel te overwegen de verplichte transitievergoeding in deze situaties geheel te schrappen, waarmee ook de compensatieregeling overbodig zou worden. Dat advies heeft het kabinet niet overgenomen.
Inwerkingtreding
De Tweede en Eerste Kamer gaan nu het wetsvoorstel behandelen. Als beide Kamers instemmen, is het streven om het wetsvoorstel per 1 juli 2026 in werking te laten treden.
Wij houden de actualiteiten nauwlettend in de gaten en zullen jullie via onze nieuwsbrief nformeren wanneer meer bekend wordt.